Stilte en solitude

‘Ik wil zo graag mezelf zijn’. Dat zei een jonge cliënt die in mijn praktijk een loopbaantraject volgde. Hij zou zo graag meer eigen ruimte en stilte willen in de omgeving waarin hij werkte, in plaats van te voldoen aan de sociale regels en gewoonten die door zijn werkgever tot norm waren verheven en die maakten dat hij vaak overprikkeld raakte. Hij is niet de enige. Steeds vaker hoor ik mensen zeggen dat ze behoefte hebben aan meer eigenheid en een stille ruimte om helemaal zichzelf te kunnen zijn. Maar jezelf, wanneer ben je dat? En waar moet je dan zijn? In een lezing over allergie en hooggevoeligheid leerde ik van de arts-psychiater Annejet Rümke over het begrip solitude. Ongelofelijk belangrijk en nodig in onze drukke en verwarrende wereld, maar niet als vanzelfsprekend te realiseren.

Solitude is de zelfgekozen eenzaamheid, waarin je contact maakt met de grote stilte, je innerlijke bron. In een tijd als deze, waarin dagelijks heel veel indrukken op ons afkomen, heb je als mens verteertijd nodig, zegt Rümke. En daarvoor zullen we als mensen moeten leren ons vaker in onszelf terug te trekken.

Maar je solitude zal een ondersteuning en een huis voor je zijn, ook in het midden van onzekere omstandigheden. En van daaruit zul je al je paden vinden (Rilke).

Feitelijk ken ik solitude al heel lang. Voor mij is het bijvoorbeeld een plek in de natuur, waar ik geen mensen tegenkom. Of een ruimte in mijn huis, waar ik alleen ben met totale stilte om me heen. Als kind al had ik alleen zijn en stilte nodig om te kunnen verteren wat op me afkwam. Dat vonden mensen in mijn omgeving vaak raar. Pas nu ik ouder ben, durf ik te uiten dat mijn zelfgekozen eenzaamheid is waar ik heel graag ben. Solitude maakt het mij mogelijk om wat ik dagelijks opdoe aan indrukken te verteren en te integreren. Het is echt een noodzaak voor mij, om mijn werk te kunnen doen, om creatief te kunnen zijn, om mezelf staande te kunnen houden. Gelukkig wordt mijn behoefte aan stilte en eigen ruimte nu volledig geaccepteerd door de mensen die mij kennen.

Eigenlijk zou dit voor iedereen mogelijk moeten zijn, van piepjong tot stokoud. Want solitude is een voorwaarde om als mens je innerlijke deur te openen. Dit is belangrijk omdat je daarmee je innerlijke kant ontwikkelt, innerlijk kunt groeien en je (zelf)bewustzijn vergroot. Hoe meer je je van jezelf bewust bent, wat je denkt, voelt en wilt, hoe meer houvast je kunt vinden in jezelf en je jezelf kunt zijn. Mensen die dit leren en kunnen, zijn in staat om in de wereld hun eigen, kloppende plek te vinden en het levensspoor te bewandelen waar ze zich thuis weten. Het citaat van Rilke, halverwege deze spinsel, is juist daarom zo treffend.